|



HEMELVAART
Veertig
dagen waren voorbij gegaan nadat Jezus was opgestaan uit de
dood.
Zijn
vrienden, de discipelen en de vrouwen hadden hem allemaal gezien
daarna.
En vandaag,
40 dagen na Zijn opstanding, was Jezus weer in Jeruzalem bij de
discipelen. Maar ze bleven niet in de stad, ze gingen buiten
Jeruzalem, naar de Olijfberg.
De
discipelen luisterden goed naar Jezus want Hij vertelde hen
onderweg weer zoveel mooie dingen. Ze begrepen dat Jezus niet op
deze aarde zou blijven, maar weer terug zou gaan naar de hemel.
"Maar",
zei de Here Jezus, "Ik laat jullie niet alleen achter hoor,
want ik zal jullie IEMAND zenden, die altijd bij jullie zal
blijven. Hij zal jullie alles duidelijk maken, wat ik je heb
verteld. Hij zal altijd bij jullie zijn en jullie leiden en
alles leren over God de Vader en Mij. Dat zal De Heilige Geest,
de Trooster doen. Jullie zullen nooit alleen zijn, want de
Heilige Geest is een deel van God. Zijn Heilige Geest zal in
jullie komen wonen".
Daar werden
de discipelen erg blij van. Jezus zei ook, dat ze terug moesten
gaan naar Jeruzalem en daar moesten wachten op de Heilige Geest,
die Jezus hen had beloofd.
"En als
de Heilige Geest is gekomen moeten jullie aan iedereen in de
hele wereld gaan vertellen dat Ik, Jezus, de Zoon van God ben.
Dat ik ben gestorven aan het kruis voor de zonden van alle
mensen en dat Ik ben opgestaan en leef!
Als de
mensen in Mij geloven mag je hen dopen in de naam van de Vader,
de Zoon en de Heilige Geest".
Dat was een
prachtig vooruitzicht, dat wilden de discipelen graag. Zij
hadden Jezus leren kennen, ze waren vrienden geworden en Jezus
had hen heel veel geleerd en verteld. Dat mochten zij nu weer
door gaan geven aan alle mensen op de hele wereld. Dat was een
opdracht, die Jezus hen gaf.
Zo kwamen ze
op de Olijfberg. De discipelen wisten dat Jezus van hen heen zou
gaan, ze wisten dat Hij weer terug zou gaan naar Zijn Vader in
de Hemel. Maar ze waren niet verdrietig, want Jezus ging daar in
de Hemel een plaats klaar maken voor alle mensen, die in Hem
geloven, zodat ook zij later bij Hem mochten komen wonen in de
Hemel.
Jezus keek
Zijn discipelen nog eenmaal vol liefde aan. Hij strekte Zijn
Handen uit en zegende hen. Toen raakten Zijn voeten los van de
grond. De discipelen keken vol ontzag toe en zagen hoe een wolk
Jezus aan het gezicht onttrok. Zij konden Hem niet meer zien. De
wolk droeg Jezus omhoog, steeds hoger tot in de Hemel, waar Hij
nu nog steeds woont bij Zijn Vader.
Was Hij nu
voor altijd weg?
Plotseling
stonden daar twee engelen in blinkend witte kleren bij de
discipelen.
"Wat
staan jullie daar?" spraken de engelen. "Jezus, die
jullie zojuist op hebben zien varen naar de Hemel, zal ook weer
terug komen. Eens zal Hij terug komen op de wolken en dan zal
iedereen Hem mogen zien".
Dat was een
blijde boodschap, Jezus zou terugkomen, dat had Hij beloofd.
En nog
steeds wachten wij op de terugkomst van Jezus.
Die dag
komt, dat is zeker en dan zal het pas echt feest zijn. Dan komt
Jezus ook ons halen en dan mogen we altijd bij Hem zijn. Er zal
geen verdriet of pijn meer zijn, niemand zal nog honger hebben
en er zal geen oorlog meer worden gevoerd.
We zullen
altijd in vrede mogen leven en veel van elkaar houden.




|